ECLI:NL:CRVB:2013:2590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.T.T. van den Corput
- J.S. van der Kolk
- Rechtspraak.nl
Onzorgvuldig gemotiveerd UWV-besluit over arbeidsongeschiktheid en concentratiebeperking
Appellante, werkzaam als schoonmaakster in WSW-verband, viel uit wegens psychische klachten. Het UWV stelde vast dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was en wees haar uitkering af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de medische beoordeling zorgvuldig was en de beperkingen correct waren vastgelegd in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
In hoger beroep betoogde appellante dat zij forser beperkt was dan aangenomen en dat concentratiebeperkingen niet in de FML waren verwerkt. Het UWV stelde dat deze beperkingen wel waren verwerkt. De Raad concludeerde dat appellante benutbare mogelijkheden heeft en dat de medische gegevens dit ondersteunen.
Echter oordeelde de Raad dat de concentratiebeperking die de verzekeringsarts had vastgesteld niet was vertaald in de FML en dat het UWV dit niet had weersproken. Hierdoor was het besluit onzorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, waardoor het niet gehandhaafd kon blijven. Het UWV werd opgedragen het besluit binnen acht weken te herstellen.
Uitkomst: Het UWV-besluit is onzorgvuldig voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, en het UWV wordt opgedragen het besluit te herstellen.