ECLI:NL:CRVB:2013:2665
Centrale Raad van Beroep
- Prejudicieel verzoek
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vraag over werkloosheidsuitkering grensarbeider bij wisseling werkgever binnen werkland
De zaak betreft een grensarbeider die in Nederland woont en in Duitsland werkt. Na een fulltime dienstverband bij een Duitse werkgever trad zij aansluitend in deeltijd in dienst bij een andere Duitse werkgever. De werkloosheidsuitkering werd door het Nederlandse UWV afgewezen omdat zij als grensarbeider volgens Verordening 1408/71 in Duitsland recht op uitkering zou hebben. De Duitse instantie weigerde echter de uitkering toe te kennen, omdat zij de werkloosheid als volledig beschouwde vanwege de overstap naar een andere werkgever.
De Centrale Raad van Beroep constateert een leemte in artikel 71 van Pro Verordening 1408/71 omtrent gedeeltelijk werkloze grensarbeiders die van werkgever wisselen binnen het werkland. Het Hof van Justitie heeft in eerdere jurisprudentie criteria gesteld voor gedeeltelijke en volledige werkloosheid, maar de situatie van deze grensarbeider past daar niet eenduidig in.
De Raad benadrukt dat het doel van artikel 71 is Pro om de werknemer de beste kansen te bieden bij het zoeken naar nieuw werk, waarbij het werkland doorgaans het bevoegde orgaan is. De Europese Commissie ondersteunt dit standpunt. De Raad verzoekt daarom het Hof om prejudiciële uitleg over de uitleg van artikel 71 lid 1 sub Pro a-i van Verordening 1408/71 in deze specifieke situatie.
De verdere behandeling van de zaak wordt aangehouden totdat het Hof uitspraak doet. De Raad heeft ook getracht samenwerking met de Duitse rechter te realiseren, maar zonder resultaat. De vraag is of het onverenigbaar is om een grensarbeider die aansluitend bij een andere werkgever in hetzelfde werkland werkt, als gedeeltelijk werkloos te beschouwen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep houdt de zaak aan voor prejudiciële beslissing van het Hof van Justitie EU over de uitleg van artikel 71 lid 1 sub a-i van Verordening 1408/71.