ECLI:NL:CRVB:2013:2711
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering wezenuitkering wegens niet-verzekerd overlijden
Appellante verzocht om een wezenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar moeder, die eerder een halfwezenuitkering ontving vanwege het overlijden van haar vader.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de moeder van appellante op het moment van overlijden in België woonde en niet verzekerd was voor de ANW. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de hardheidsclausule in artikel 24 van Pro KB 746 geen grond biedt om af te wijken van de ANW-regels.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. De Raad benadrukte dat het besluit tot beëindiging van de halfwezenuitkering onherroepelijk is omdat daartegen geen bezwaar is gemaakt. Verder is het feit dat de moeder samenwoonde met een in Nederland werkzame partner irrelevant voor haar verzekeringspositie. De hardheidsclausule geeft de Svb geen bevoegdheid om een uitkering toe te kennen als de ANW dit niet toestaat.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de wezenuitkering omdat de overledene niet verzekerd was voor de ANW.