ECLI:NL:CRVB:2013:2786
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.P.M. Zeijen
- J.J.A. Kooijman
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verlaging bijstand wegens onvoldoende bewijs eigen schuld werkloosheid
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en werkte tijdelijk via een uitzendbureau. Na een verlofdag verloor hij zijn baan, waarna het college besloot de bijstand met 100% te verlagen wegens eigen schuld werkloosheid. Tevens werd de bijstand opgeschort en later ingetrokken vanwege het niet verstrekken van gevraagde gegevens over domeinnamen.
Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten en stelde beroep in tegen de handhaving van de maatregel en intrekking. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college onvoldoende feitelijke grondslag had om de maatregel op te leggen. De verklaring van het uitzendbureau was vaag en niet bevestigd door andere feiten.
Verder oordeelde de Raad dat de gevraagde domeinnamen relevant zijn voor de bijstandverlening en dat het verzoek niet in strijd is met het EVRM. De Raad vernietigde het bestreden besluit en het oorspronkelijke besluit tot verlaging van de bijstand, en veroordeelde het college in de proceskosten van appellant. De uitspraak trad in de plaats van het vernietigde gedeelte van het besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit tot verlaging van de bijstand wegens onvoldoende bewijs en veroordeelt het college in de proceskosten.