Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 17 mei 2011;
- herroept het besluit van 16 december 2010 en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand sinds 2007 en stond ingeschreven op het adres waar zijn zus woont. Na meldingen over zijn afwezigheid bij een traject en meerdere pogingen om hem thuis aan te treffen, vond een huisbezoek plaats. Tijdens dit bezoek bleek dat appellant slechts weinig persoonlijke bezittingen op het uitkeringsadres had, wat leidde tot opschorting en later intrekking van zijn bijstand wegens vermeend niet-verblijf op dat adres.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze besluiten ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college niet bevoegd was om de bijstand op te schorten omdat het al een inhoudelijke beslissing kon nemen zonder de gevraagde aanvullende inlichtingen. Hierdoor werd het besluit tot opschorting en de daarop gebaseerde intrekking vernietigd.
Tegelijkertijd oordeelde de Raad dat appellant de inlichtingenverplichting had geschonden door onvoldoende en onjuiste informatie te verstrekken over zijn verblijfplaats. Dit gaf het college wel een grondslag om de bijstand over de betreffende periode in te trekken. De Raad handhaafde daarom de intrekking van de bijstand voor die periode en veroordeelde het college tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot opschorting en intrekking van bijstand wordt vernietigd, maar de intrekking van de bijstand blijft in stand wegens schending van de inlichtingenverplichting.