Uitspraak
26 juli 2012, 11/2242 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig inbraakpreventiemonteur, meldde zich in 1996 ziek vanwege rugklachten en kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering van 80-100% arbeidsongeschiktheid. Na herbeoordelingen en detentie in Frankrijk werd de uitkering ingetrokken omdat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht. Appellant betwistte dit en leverde aanvullende medische stukken in.
De rechtbank oordeelde dat het UWV zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek had verricht en dat de beperkingen van appellant niet waren overschat. De Raad bevestigt dit oordeel en stelt vast dat de medische informatie na de datum in geschil geen ander oordeel rechtvaardigt. Ook het ontbreken van medische gegevens uit de detentieperiode kan appellant niet worden aangerekend.
De Raad wijst het verzoek om inschakeling van een onafhankelijke deskundige af en bevestigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering omdat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt is.