ECLI:NL:CRVB:2013:911
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder, maar het college ontdekte dat zij zeven kentekens op haar naam had geregistreerd zonder dit te melden. Ondanks verzoeken leverde zij onvoldoende gegevens over de aan- en verkoop van deze auto’s.
Het college trok de bijstand per 29 oktober 2009 in en vorderde ten onrechte ontvangen bijstand terug over 2008 en 2009 vanwege schending van de inlichtingenverplichting. De rechtbank wees het beroep van appellante af en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat het feit dat de kentekens op naam van appellante stonden, de veronderstelling wekte dat de voertuigen tot haar vermogen behoorden. Appellante slaagde er niet in het tegendeel aannemelijk te maken. Ook mocht het college aanvullende gegevens opvragen die relevant waren voor de beoordeling van het recht op bijstand.
Het beroep op het verbod van reformatio in peius en het vertrouwensbeginsel faalden, evenals het beroep op dringende redenen om terugvordering te voorkomen. De Raad benadrukte dat appellante bescherming kan zoeken via de beslagvrije voetregels. De aangevallen uitspraak werd bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting.