ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1557
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet-naleving inlichtingenverplichting bij werkzaamheden in pizzeria
Appellant vroeg bijstand aan met ingang van 17 oktober 2008, maar meldde zich pas op 22 oktober 2009. Tijdens een onderzoek bij de pizzeria waar appellant woonde en werkte, werd vastgesteld dat hij op geld waardeerbare werkzaamheden verrichtte. Ondanks zijn verklaring dat hij slechts vrijwillig hielp zonder loon, concludeerde de Raad dat de aanwezigheid tijdens reguliere uren op een werkplek impliceert dat er arbeid werd verricht.
Omdat appellant deze werkzaamheden niet had gemeld, schond hij de inlichtingenverplichting. Hierdoor kon het college niet vaststellen of appellant recht had op bijstand en wees het de aanvraag af. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep.
Appellant stelde dat hij vanaf oktober 2008 van geleend geld leefde, maar dit werd niet als bijzondere omstandigheid gezien om bijstand over die periode toe te kennen. Het verzoek tot schadevergoeding werd eveneens afgewezen. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 februari 2013.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens het niet melden van werkzaamheden, waardoor niet is voldaan aan de inlichtingenverplichting.