ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2364
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.F. Claessens
- C.G. Kasdorp
- M.F. Wagner
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en beëindiging bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Uit onderzoek van de gemeente Heerhugowaard en de Sociale Recherche bleek dat appellant zijn zoon regelmatig vergezelde bij het ophalen en wegbrengen van oud ijzer met een vrachtwagen die als werkplek werd aangemerkt.
Het college trok de bijstand met ingang van 1 juli 2009 in en beëindigde deze per 18 september 2009 vanwege onjuiste opgave van gewerkte uren op controleformulieren. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat niet alle tijd in de vrachtwagen als werktijd kon worden beschouwd en dat de vrachtwagen geen gewone werkplek was. De Raad oordeelde dat de vrachtwagen wel als werkplek geldt en dat de aanwezigheid tijdens reguliere uren de veronderstelling van arbeid verrichten meebrengt, tenzij het tegendeel aannemelijk wordt gemaakt.
Appellanten slaagden er niet in aannemelijk te maken dat zij minder uren hadden gewerkt dan vastgesteld. De afwijkingen tussen opgegeven uren en waarnemingen vormden een voldoende grondslag voor het college om te concluderen dat de inlichtingenverplichting was geschonden.
Het hoger beroep werd verworpen en de intrekking en beëindiging van de bijstand bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en beëindiging van de bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting wordt bevestigd.