ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5741
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- B.M. van Dun
- R.P.T. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WAO-uitkeringsaanvraag wegens termijnoverschrijding en ontbreken nieuwe feiten
Appellant vroeg een WAO-uitkering aan met ingang van augustus 1993, maar het UWV wees dit af omdat niet was voldaan aan de vereiste 52 weken onafgebroken arbeidsongeschiktheid vanaf augustus 2003. Appellant maakte bezwaar, maar dit was te laat ingediend. Hij stelde dat zijn psychische toestand hem verhinderde tijdig bezwaar te maken en dat nieuwe medische rapporten herziening rechtvaardigden.
De Raad beoordeelde de medische stukken en concludeerde dat hoewel appellant ernstig psychisch was getroffen, er onvoldoende aanwijzingen waren dat hij niet tijdig bezwaar kon maken. De nieuwe rapporten betroffen diagnoses en omstandigheden die reeds bekend waren of geen nieuwe feiten vormden die het eerdere besluit konden wijzigen.
De rechtbank had het bezwaar ongegrond verklaard en de Raad bevestigde deze uitspraak. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De beslissing bevestigt dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is en dat geen nieuwe feiten tot herziening leiden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de WAO-uitkeringsaanvraag wegens niet-tijdig bezwaar en het ontbreken van nieuwe feiten.