ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6083
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bijzondere bijstand voor legeskosten verlenging verblijfsvergunning
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor legeskosten van €288 voor de verlenging van zijn verblijfsvergunning. Het college heeft deze aanvraag afgewezen omdat deze kosten behoren tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan die uit het inkomen of vermogen betaald dienen te worden.
De rechtbank Amsterdam heeft het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond verklaard. Appellant voerde aan dat hij niet in staat was geweest om te reserveren voor deze kosten vanwege zijn beperkte inkomen en het beheer van zijn budget door Fibu.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat legeskosten incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten zijn die in beginsel uit de bijstandsnorm betaald moeten worden, hetzij door reservering, hetzij door gespreide betaling. Appellant had een jaar de tijd om te reserveren en heeft niet aannemelijk gemaakt dat dit niet mogelijk was. Ook de bijstandsnorm vanaf januari 2011 was voldoende om te reserveren.
De Raad concludeert dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die bijzondere bijstand rechtvaardigen en bevestigt daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijzondere bijstand voor legeskosten van verlenging verblijfsvergunning.