ECLI:NL:CRVB:2010:BN3905
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor legeskosten verblijfsvergunningen
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor legeskosten verbonden aan het verlengen van verblijfsvergunningen van zijn vijf kinderen. Het Dagelijks Bestuur wees dit af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze beslissing.
De Raad overweegt dat legeskosten tot de algemene noodzakelijke kosten behoren die in principe uit de bijstandsnorm moeten worden voldaan, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn. De legeskosten voor de meerderjarige kinderen kunnen niet worden toegerekend aan appellanten omdat deze kinderen niet tot het gezin in de zin van de WWB behoren. Ook de omstandigheden rondom het lenen van geld en vermeende onjuiste leges leiden niet tot bijzondere omstandigheden.
Daarom slaagt het hoger beroep niet en wordt de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van bijzondere bijstand voor legeskosten wordt bevestigd.