ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6157
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering bij arbeidsongeschiktheid onder 35% met passende functie schadecorrespondent
Betrokkene viel op 14 januari 2008 uit haar werk wegens rug- en heupklachten. Op 14 december 2009 werd besloten dat zij geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt. Dit besluit werd op bezwaar gehandhaafd op basis van medische en arbeidskundige rapportages, waaronder een aangepaste functionele mogelijkheden lijst (FML) en een beoordeling van functies zoals schadecorrespondent.
De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond, vernietigde het besluit en kende een uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid tussen 35 en 80%, onder meer omdat zij oordeelde dat de functie van schadecorrespondent niet passend was vanwege overschrijding van de belastbaarheid bij zitten.
In hoger beroep stelde appellant dat de rechtbank ten onrechte artikel 8:72 Awb Pro toepaste en dat de functie van schadecorrespondent wel passend is. De Raad oordeelde dat de functie van schadecorrespondent aan de schatting ten grondslag kan worden gelegd omdat de belastbaarheid binnen de toegestane duur van zitten blijft, mede door de mogelijkheid tot vertreden.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond, waarmee het besluit dat geen recht op WIA-uitkering bestaat, in stand blijft. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit dat geen recht op WIA-uitkering bestaat wordt bevestigd.