ECLI:NL:CRVB:2013:BZ8850
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- D.J. van der Vos
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toegenomen arbeidsongeschiktheid bij Wajong-uitkering na intrekking
Betrokkene ontving sinds 1997 een uitkering op grond van de Algemene arbeidsongeschiktheidswet, later omgezet in een Wajong-uitkering. In 2007 werd deze uitkering ingetrokken wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. Betrokkene gaf in 2009 aan dat haar gezondheid was verslechterd, maar het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) stelde op basis van medisch dossieronderzoek dat er geen objectiveerbare toename van beperkingen was.
De rechtbank Alkmaar oordeelde dat er wel sprake was van toegenomen klachten en dat betrokkene medisch onderzocht had moeten worden, mede gelet op het Verzekeringsgeneeskundig protocol CVS. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit.
In hoger beroep stelde het UWV dat alle relevante medische informatie was betrokken en dat een eigen onderzoek geen meerwaarde had. De Centrale Raad van Beroep volgde dit standpunt en oordeelde dat de klachten, hoewel reëel en invaliderend, niet objectief waren toegenomen. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
De uitspraak benadrukt het belang van objectiveerbare medische gegevens bij het beoordelen van toegenomen arbeidsongeschiktheid en bevestigt dat dossieronderzoek in dit geval voldoende was. Het doen van een aanvullend medisch onderzoek werd als niet noodzakelijk beschouwd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 16 oktober 2009 wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.