ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9777
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens gezamenlijke huishouding met zus en terugvordering voorschot
Appellante vroeg bijstand aan als alleenstaande, maar het college wees de aanvraag af omdat zij een gezamenlijke huishouding voert met haar zus. De Raad bevestigt dat appellante en haar zus hun hoofdverblijf delen en blijk geven van wederzijdse zorg, onder meer door financiële verstrengeling en verzorging bij ziekte.
Appellante stelde dat zij vanwege rugklachten zorgbehoefte had en daardoor geen eigen huishouding kon voeren, maar zij maakte dit niet aannemelijk. Ook het feit dat haar broer op hetzelfde adres stond ingeschreven, maar niet feitelijk woonde, doet hier niet aan af.
Het college heeft het voorschot op bijstand terecht teruggevorderd. Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek tot schadevergoeding wordt geweigerd. De Raad bevestigt het oordeel van de rechtbank Almelo.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de bijstandsaanvraag wordt bevestigd als afgewezen wegens gezamenlijke huishouding met zus.