ECLI:NL:CRVB:2013:CA0061
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten schuldig nalatig AOW-premies en toekenning schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Appellant werd door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) 100% schuldig nalatig verklaard voor het niet betalen van de over 2000 en 2001 verschuldigde premies voor de Algemene Ouderdomswet (AOW). De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat hem geen verwijt kon worden gemaakt voor het niet betalen van deze premies.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank dat appellant subjectief verwijtbaar heeft gehandeld, mede gelet op een strafrechtelijke veroordeling wegens het niet voeren van een deugdelijke loonadministratie. De Raad oordeelde dat de bestreden besluiten inhoudelijk juist zijn.
Wel stelde de Raad vast dat de totale duur van de procedure bijna vijf jaar bedroeg, waarbij de redelijke termijn met bijna een jaar werd overschreden. Deze overschrijding werd aan de Svb toegerekend. Daarom vernietigde de Raad de aangevallen uitspraak, verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de bestreden besluiten, maar liet de rechtsgevolgen van deze besluiten in stand.
De Raad veroordeelde de Svb tot vergoeding van immateriële schade aan appellant van €1.000,- en tot vergoeding van de proceskosten van appellant van €874,-, alsmede tot vergoeding van het betaalde griffierecht van €153,-. De uitspraak werd gedaan op 8 mei 2013 door de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De bestreden besluiten worden vernietigd en de Svb wordt veroordeeld tot een schadevergoeding van €1.000,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.