ECLI:NL:CRVB:2014:1046
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.E. Bakker
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Wajong wegens onvoldoende medische gegevens voor vaststelling jeugdgehandicapte
Appellante, geboren in 1951 en sinds haar jeugd getroffen door kinderverlamming, vroeg op grond van de Wet Wajong een uitkering aan. Het UWV wees de aanvraag af omdat de medische gegevens onvoldoende waren om vast te stellen welke arbeidsbeperkingen zij had op de datum dat zij 17 werd. De rechtbank oordeelde eerder dat het UWV dit besluit terecht had genomen, omdat het niet mogelijk was een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) op te stellen die voldoende houvast bood voor de beoordeling van haar arbeidsongeschiktheid op die leeftijd.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat de rechtbank ten onrechte het standpunt van het UWV onderschreef. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de beoordeling moet plaatsvinden naar de regelgeving die gold op het moment dat appellante 17 werd, waarbij het ontbreken van voldoende medische gegevens doorslaggevend is. De Raad stelde vast dat het niet mogelijk was een volledige FML op te stellen vanwege het ontbreken van verifieerbare gegevens over haar beperkingen, met name voor de functie van handen en armen.
De Raad bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat het UWV terecht de aanvraag heeft afgewezen. Er was geen grond voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 28 maart 2014.
Uitkomst: De aanvraag op grond van de Wet Wajong wordt afgewezen vanwege onvoldoende medische gegevens voor vaststelling arbeidsongeschiktheid op 17-jarige leeftijd.