ECLI:NL:CRVB:2014:1161
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering verhuiskostenvergoeding wegens ontbreken noodzakelijkheid door beperkingen
Betrokkene verhuisde in oktober 2007 en vroeg een verhuiskostenvergoeding op grond van de Wmo. Het college van burgemeester en wethouders wees de vergoeding af vanwege het ontbreken van aantoonbare beperkingen die het normale gebruik van de woning belemmerden. Diverse medische adviezen, waaronder van het CIZ, bevestigden dit standpunt.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. De Raad stelt dat de ervaren overlast en onveilige woonomgeving verband houden met omgevingsfactoren en niet met beperkingen die een verhuizing noodzakelijk maken. Betrokkene had zelf maatregelen kunnen nemen tegen de overlast, wat zij naliet.
De Raad vernietigt het eerdere vonnis en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt het besluit tot toekenning van een tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten van 2 november 2010 vernietigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot toekenning van verhuiskostenvergoeding wordt vernietigd.