ECLI:NL:CRVB:2014:1501
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E.J.M. Heijs
- J.Th. Wolleswinkel
- M.C.D. Embregts
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens plichtsverzuim en verstoorde arbeidsverhouding bevestigd met vernietiging nadere besluit
Appellante, sinds 1995 in dienst bij het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim nadat zij vertrouwelijke informatie aan een geschorste collega had verstrekt. Het college verleende ontslag per 15 juli 2010, maar de rechtbank oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het ontslag in afwijking van het advies van de commissie werd gehandhaafd en dat de straf niet evenredig was.
In hoger beroep handhaafde het college het ontslag op grond van een verstoorde arbeidsverhouding per 15 juli 2010 en subsidiair wegens een impasse vanaf 1 november 2011. De Raad oordeelt dat het plichtsverzuim terecht is vastgesteld, maar dat er onvoldoende grond is voor een verstoorde arbeidsverhouding per 15 juli 2010. Wel is er vanaf 1 november 2011 sprake van een impasse waarin geen herstel mogelijk was.
De Raad vernietigt het nadere besluit wegens bevoegdheidsgebrek, maar laat de rechtsgevolgen van het ontslag per 1 november 2011 in stand. Het college wordt veroordeeld tot betaling van het salaris tot die datum en de wettelijke rente, en tot vergoeding van de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Ontslag per 1 november 2011 bevestigd wegens impasse; nadere besluit vernietigd; college veroordeeld tot betaling achterstallig loon, wettelijke rente en proceskosten.