ECLI:NL:CRVB:2014:1595
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant viel op 18 augustus 2009 uit wegens maag- en psychische klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde op 29 augustus 2011 vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was en wees de uitkering af. Het bezwaar werd op 15 december 2011 ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, onder meer omdat de verzekeringsarts dossieronderzoek had verricht en appellant lichamelijk had onderzocht.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat de verzekeringsarts niet deskundig was om psychische belastbaarheid te beoordelen. De Raad stelde vast dat deze gronden al door de rechtbank waren beoordeeld en verworpen. De bezwaarverzekeringsarts had voldoende informatie van behandelaars betrokken en geen aanleiding gezien voor een psychiatrische expertise.
De Raad vond geen nieuwe medische gegevens die tot een ander oordeel leidden en bevestigde dat de geselecteerde functies passend waren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.