ECLI:NL:CRVB:2014:1626
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening studiefinanciering wegens niet-woonachtig op GBA-adres
Appellant ontving in 2012 studiefinanciering als uitwonende student. Na een huisbezoek door controleurs, waarbij toestemming was gegeven door de hoofdbewoner, concludeerde de Minister dat appellant niet op zijn GBA-adres woonde. Hierop werd de studiefinanciering herzien en een boete opgelegd.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, waarbij onder meer werd gewezen op verklaringen van de hoofdbewoner, de staat van de kamer en het inleveren van de huissleutel. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het huisbezoek onrechtmatig was vanwege gebrek aan informed consent en dat de herziening onevenredig was.
De Raad oordeelde dat toestemming van de hoofdbewoner voor het huisbezoek rechtsgeldig was en dat het bewijs niet onrechtmatig was verkregen. Verder werd vastgesteld dat appellant niet op het GBA-adres verbleef en dat hij onvoldoende bewijs leverde dat hij daar feitelijk woonde. De herziening en boete zijn daarmee terecht opgelegd en het hoger beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de herziening van studiefinanciering en boete worden bevestigd.