ECLI:NL:CRVB:2014:1718
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing trajectvergoeding vrijwilligerswerk bijstandsgerechtigde
Appellante, een bijstandsgerechtigde, verricht vrijwilligerswerk en vroeg een trajectvergoeding aan voor de periode vanaf 14 april 2011. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam wees deze aanvraag af omdat de vergoeding voor vrijwilligerswerk per 1 november 2011 was afgeschaft.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij de aanvraag al op 26 mei 2011 had ingediend en dat het oude gemeentelijke beleid moest worden toegepast. De Raad oordeelde dat de aanvraag pas in december 2011 schriftelijk was ingediend en dat geen bijzondere omstandigheden bestonden om af te wijken van het uitgangspunt dat kosten alleen worden vergoed vanaf de datum van aanvraag.
Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagde niet omdat geen toezeggingen waren gedaan dat de oude aanvraag zou doorlopen. Het college had uit coulance een trajectvergoeding van € 100,- toegekend voor de periode tot 31 oktober 2011. De Raad concludeerde dat appellante met deze vergoeding niet tekort was gedaan en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de trajectvergoeding wordt bevestigd.