ECLI:NL:CRVB:2014:1742
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.T. van den Corput
- J.S. van der Kolk
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek herziening Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante heeft bij het UWV een verzoek ingediend tot herziening van een eerder besluit waarbij haar een Wajong-uitkering werd geweigerd. Het UWV wees dit verzoek af omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die herziening rechtvaardigden. De rechtbank Dordrecht verklaarde het beroep van appellante ongegrond en bevestigde het besluit van het UWV.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij niet in de gelegenheid was gesteld aanvullende medische verklaringen in te dienen. Zij overhandigde diverse medische documenten, waaronder brieven van artsen en een rapport van een adviserend geneeskundige. Het UWV stelde dat deze stukken niet in de beoordeling konden worden betrokken, conform vaste jurisprudentie van de Raad.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het beoordelingskader van artikel 4:6, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat alleen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden aanleiding geven tot herziening. De Raad concludeerde dat appellante geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd. Ook achtte de Raad het niet relevant dat zij aanvullende stukken had overgelegd, omdat deze niet in de beoordeling mogen worden betrokken in deze procedure.
De Raad vond geen aanleiding om het bestreden besluit onjuist te achten en zag geen schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het herzieningsverzoek bevestigd.