ECLI:NL:CRVB:2014:1776
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit functiewaardering en inschaling ambtenaar wegens onvoldoende motivering
Appellant betwistte zijn inschaling in schaal 10 en stelde dat zijn werkzaamheden feitelijk binnen schaal 9 vielen. Na een tussenuitspraak werd het bestreden besluit door de minister nader gemotiveerd. Het Expertisecentrum Organisatie en Personeel voerde een onderzoek uit, waarbij appellant niet meewerkte, wat de volledigheid van het beeld bemoeilijkte.
Uit het rapport en aanvullende gegevens bleek dat appellant vrijwel uitsluitend werkzaamheden verrichtte die overeenkomen met de functiebeschrijving van schaal 9. Slechts eenmaal trad appellant op als projectleider in een project, wat onvoldoende was om hem in schaal 10 in te schalen. Appellant kon niet aannemelijk maken dat hij vaker taken op schaal 10-niveau vervulde.
De Raad oordeelde dat de minister met de nadere motivering een toereikende grondslag had gegeven en dat het bestreden besluit ondanks de vernietiging in stand kon blijven. De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot inschaling in schaal 10 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; appellant wordt in schaal 9 ingeschaald.