ECLI:NL:CRVB:2014:1903
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond verklaard tegen niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens griffierecht
De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet tegen de eerdere beslissing van 6 maart 2014 waarbij het hoger beroep van appellant niet-ontvankelijk was verklaard wegens het niet tijdig betalen van griffierecht.
Appellant voerde aan dat geen griffierecht verschuldigd was omdat het om een incidenteel hoger beroep ging, maar dit werd verworpen omdat het hogerberoepschrift een zelfstandig hoger beroep betrof. De Raad oordeelde vervolgens dat de gemachtigde van appellant niet in verzuim was geweest en dat het griffierecht inmiddels was betaald.
Op grond hiervan verklaarde de Raad het verzet gegrond, waardoor de eerdere niet-ontvankelijkverklaring verviel en het onderzoek werd voortgezet. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
De uitspraak werd gedaan door T.G.M. Simons, in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven, op 5 juni 2014.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het hoger beroep wordt ontvankelijk verklaard nu het griffierecht is betaald.