ECLI:NL:CRVB:2014:2265
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving sinds 1989 bijstand op grond van de WWB. Na een onderzoek door de sociale recherche naar haar woonsituatie heeft het college bij besluit van 28 maart 2012 de bijstand ingetrokken en de kosten van bijstand over de periode van 1 februari 2008 tot en met 31 januari 2012 teruggevorderd.
Appellante betwistte dat zij sinds 1 februari 2008 niet meer woonde op het opgegeven adres, maar de Raad volgt het college en de rechtbank in het oordeel dat de verklaringen die appellante op 8 februari 2012 aan de sociale recherche heeft afgelegd, voldoende bewijs vormen dat zij vanaf die datum niet meer in de gemeente woonde. Appellante heeft geen objectieve en verifieerbare gegevens aangeleverd die haar eerdere verklaringen ontkrachten.
De Raad oordeelt dat appellante in strijd met haar inlichtingenverplichting heeft gehandeld door het niet melden van haar werkelijke woonplaats, waardoor het college terecht de bijstand heeft ingetrokken en de kosten heeft teruggevorderd. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.