ECLI:NL:CRVB:2014:2387
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- M. Hillen
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Bezwaartermijn niet aangevangen door onjuiste bekendmaking Bbz-uitkeringsbesluit
Betrokkene ontving een Bbz-uitkering die werd verlengd en definitief vastgesteld door een besluit van 23 januari 2012. Betrokkene maakte bezwaar tegen de intrekking van de uitkering, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank oordeelde dat het besluit niet correct bekend was gemaakt omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het besluit daadwerkelijk was verzonden naar het juiste adres. De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak en benadrukt dat de termijn voor bezwaar pas begint te lopen na correcte bekendmaking. Omdat de verzendadministratie ontbrak en de postkamer geen registratie bijhield, kon niet worden vastgesteld dat het besluit was ontvangen. Het hoger beroep van appellant wordt verworpen en appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd wegens niet-aannemelijke verzending van het besluit.