Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt aangevallen uitspraak II, voor zover aangevochten.
Centrale Raad van Beroep
Appellant werd met ingang van 18 augustus 2011 een WW-uitkering toegekend en vanaf 18 november 2011 een ZW-uitkering na ziekmelding. Het Uwv trok deze uitkeringen in januari 2012 in en vorderde het onverschuldigd betaalde bedrag terug, omdat appellant zich onttrok aan een opgelegde vrijheidsstraf.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de intrekking van de WW-uitkering ongegrond en vernietigde het besluit tot intrekking van de ZW-uitkering wegens schending van de hoorplicht, maar liet de rechtsgevolgen intact. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het Uwv onzorgvuldig handelde door niet eerder op de hoogte te zijn en hem niet tijdig te informeren.
De Centrale Raad oordeelde dat het Uwv niet eerder dan begin december 2011 op de hoogte was van de onttrekking en dat het handelen binnen zes weken na die datum niet onzorgvuldig was. Het beroep op het zorgvuldigheidsbeginsel faalt daarmee en de bestreden uitspraken worden bevestigd.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad bevestigt de intrekking en terugvordering van de uitkeringen en wijst het beroep op het zorgvuldigheidsbeginsel af.