ECLI:NL:CRVB:2014:2577
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- R.M. van Male
- M.F. Wagner
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over gebrekkig onderzoek en motivering bij AWBZ-zorgindicatie
Appellant, bekend met lichamelijke en psychiatrische aandoeningen, vroeg via zijn dochter een indicatie aan voor persoonlijke verzorging op grond van de AWBZ. Het CIZ wees de aanvraag af, stellende dat klinische psychiatrische behandeling voorliggend is en AWBZ-zorg niet doelmatig.
Appellant stelde beroep in tegen dit besluit en overlegde verklaringen van psychiaters die stelden dat hij therapieresistent is en opname geen resultaat biedt. CIZ hield vast aan haar standpunt dat klinische behandeling noodzakelijk is en dat appellant niet als uitbehandeld kan worden beschouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad oordeelt dat het bestreden besluit onvoldoende is gemotiveerd en gebaseerd op gebrekkig onderzoek. De Raad acht de verklaringen van de psychiaters relevant en concludeert dat klinische behandeling niet langer voorliggend is.
Daarom kan de Raad niet zelf voorzien in de zaak en draagt het CIZ op binnen zes weken het besluit te herstellen op basis van nader onderzoek naar de zorgbehoefte van appellant.
Uitkomst: Het besluit van 21 juli 2011 wordt vernietigd en het CIZ wordt opgedragen binnen zes weken het besluit te herstellen na nader onderzoek.