ECLI:NL:CRVB:2014:2788
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit over verrekening Altersrente met WIA-uitkering
Betrokkene, werkzaam geweest in Nederland en Duitsland, ontving een WIA-uitkering na ziekmelding in 2007. Appellant, het UWV, kende hem een WGA-loonaanvullingsuitkering toe, waarbij rekening werd gehouden met een Duitse Altersrente die betrokkene ontving. De rechtbank vernietigde het besluit van het UWV omdat niet was onderzocht of de Nederlandse en Duitse uitkeringen voor dezelfde arbeidsongeschiktheid waren toegekend.
In hoger beroep stelde het UWV dat de Altersrente geen arbeidsongeschiktheidsuitkering is, maar een ouderdomspensioen, dat op grond van het Besluit voorkoming en beperking samenloop in mindering moet worden gebracht op de WIA-uitkering. Betrokkene bevestigde dit standpunt tijdens de zitting.
De Raad oordeelde dat de Altersrente inderdaad als ouderdomsuitkering moet worden aangemerkt en dat de verrekening terecht heeft plaatsgevonden, hoewel aanvankelijk op een verkeerde wettelijke grondslag. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd, met de kanttekening dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand blijven. Appellant wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verrekening van de Altersrente met de WIA-uitkering en laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand.