ECLI:NL:CRVB:2014:299
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- W.F. Claessens
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Beoordeling buiten behandeling stellen bijstandsaanvraag wegens ontbrekende spaarrekeninggegevens
Appellante diende een aanvraag om bijstand in, maar leverde niet binnen de gestelde hersteltermijn de gevraagde afschriften van haar spaarrekening of een schriftelijke verklaring dat zij geen spaarrekening had.
Het college stelde de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank bevestigde dit besluit.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij voldoende duidelijkheid had gegeven over haar financiële situatie en dat het verzoek om spaarrekeningafschriften overbodig was. De Raad oordeelde echter dat de gevraagde gegevens noodzakelijk waren voor een goede beoordeling van de aanvraag, mede vanwege eerdere informatie over een spaarrekening en opname van een aanzienlijk bedrag.
De Raad concludeerde dat het college bevoegd was de aanvraag buiten behandeling te stellen en dat het college dit in redelijkheid heeft gedaan. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellante is terecht buiten behandeling gesteld wegens het niet overleggen van noodzakelijke spaarrekeninggegevens binnen de hersteltermijn.