ECLI:NL:CRVB:2014:3121
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- W.J.A.M. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinair ontslag wegens plichtsverzuim bij werkhervatting ambtenaar
Appellant was sinds 2006 ambtenaar en raakte in 2008 arbeidsongeschikt door burn-out. Na een re-integratietraject binnen verschillende gemeenten werd hij in 2012 definitief geplaatst bij de gemeente Stichtse Vecht. Ondanks medische verklaringen dat appellant arbeidsgeschikt was, gaf hij zonder geldige reden geen gehoor aan meerdere oproepen van het college om over werkhervatting te praten en om te komen werken.
Het college staakte daarom zijn bezoldiging en legde hem uiteindelijk een disciplinaire straf van ontslag op wegens plichtsverzuim. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat spanningsklachten hem verhinderden gehoor te geven aan de oproepen, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Raad concludeerde dat appellant zonder deugdelijke grond de oproepen negeerde en dat het plichtsverzuim hem toerekenbaar is. De opgelegde straf is niet onevenredig, mede omdat het college herhaaldelijk steun en alternatieven aanbood. De Raad bevestigde het ontslag en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag wegens plichtsverzuim wordt bevestigd.