ECLI:NL:CRVB:2014:3287
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.J. Schaap
- G. van Zeben-de Vries
- D.S. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing elektrische ondersteuning rolstoel ondanks combinatie voorzieningen
Appellante is volledig rolstoelafhankelijk en kan door klachten haar mechanische rolstoel niet zelf voortbewegen. In 2004 kreeg zij een handbewogen rolstoel met elektrische ondersteuning verstrekt onder de Wvg. Later verstrekte het college een elektrische binnenrolstoel, scootmobiel en regiotaxi-mogelijkheid. In 2011 vroeg appellante een nieuwe rolstoel met elektrische ondersteuning aan, maar het college wees dit af en verleende alleen een handbewogen rolstoel.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond omdat de combinatie van voorzieningen voldoende compensatie bood voor haar beperkingen. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de rechtbank onvoldoende rekening hield met het eerdere verstrekken van een rolstoel met elektrische ondersteuning en dat het college onterecht de wielen met ondersteuning had ingenomen.
De Raad oordeelt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de combinatie van voorzieningen de beperkingen van appellante voldoende compenseert. De Raad merkt op dat de situatie onder de Wmo anders is dan onder de Wvg, mede door de toevoeging van de regiotaxi. De Nota Compensatiebeginsel Wmo biedt geen grond voor toekenning omdat het om een nieuwe aanvraag gaat. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het college mag de aanvraag voor elektrische ondersteuning afwijzen.