ECLI:NL:CRVB:2014:3849
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op kinderbijslag zonder geldige verblijfsvergunning volgens AKW
Appellanten, een gezin met Servische nationaliteit dat sinds 2001 in Nederland woont, vroegen kinderbijslag aan voor hun in Nederland geboren kinderen. De aanvraag werd afgewezen omdat zij geen geldige verblijfsvergunning hadden, een vereiste volgens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW).
Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die het besluit bevestigde, werd in hoger beroep aangevoerd dat internationale mensenrechtennormen een individuele afweging vereisen en uitsluiting op grond van het ontbreken van een verblijfsvergunning niet gerechtvaardigd is. Tevens werd een klacht ingediend bij het VN-Mensenrechtencomité.
De Raad overwoog dat het nationale recht geen recht op kinderbijslag verleent zonder verblijfsvergunning en dat internationale verdragen zoals het EVRM, IVBPR, ESH en IVRK geen aanleiding geven het koppelingsbeginsel buiten toepassing te laten. Er waren geen schrijnende omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van kinderbijslag zonder verblijfsvergunning wordt bevestigd.