ECLI:NL:CRVB:2014:3982
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.J. Schaap
- G. van Zeben-de Vries
- D.S. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering persoonsgebonden budget wegens onvoldoende verantwoording
Appellant ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor zorg in 2012, maar het Zorgkantoor trok dit besluit in vanwege het niet terugsturen van het verantwoordingsformulier. Het pgb werd vastgesteld op nihil en het toegekende bedrag van €20.179,02 werd teruggevorderd. Appellant voerde bezwaar aan, maar het Zorgkantoor vond de verantwoording incompleet en onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant geen volledig en verifieerbaar beeld gaf van de besteding van het pgb. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad stelt dat het Zorgkantoor terecht het pgb lager heeft vastgesteld en teruggevorderd, omdat de stukken niet aantonen dat het pgb daadwerkelijk aan zorg is besteed.
De Raad benadrukt dat het Zorgkantoor een evenredige belangenafweging moet maken en dat het belang van het Zorgkantoor om maatschappelijke middelen doelmatig te besteden zwaarder weegt dan het belang van appellant. De Raad wijst op de wettelijke verplichtingen uit de Regeling subsidies AWBZ en de Awb die het Zorgkantoor hiertoe bevoegd maken. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van het pgb bevestigd wegens onvoldoende verantwoording.