ECLI:NL:CRVB:2014:648
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.Th. Wolleswinkel
- J.N.A. Bootsma
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Beoordeling SBF-regeling en buitengewoon verlof zonder behoud van bezoldiging
Appellant, werkzaam in een substantieel bezwarende functie, maakte aanspraak op de SBF-garantieregeling na overgang naar een andere functie binnen de overheid. De regeling voorziet in buitengewoon verlof zonder behoud van bezoldiging met een uitkering van 80% van de bezoldiging tot een bepaalde einddatum, waarna pensioenfinanciering start.
De Raad oordeelt dat de SBF-regeling een algemeen verbindend voorschrift is en dat er geen ernstige gebreken zijn die het gebruik ervan in concrete besluiten verbieden. Het netto lagere bedrag van de uitkering dan 80% van de netto bezoldiging is het gevolg van fiscale inhoudingen waar de minister geen invloed op heeft.
De Raad stelt dat de besluiten tot buitengewoon verlof en ontslag gebonden besluiten zijn, zonder ruimte voor afwijking van de vastgestelde data. Appellant had de mogelijkheid om een verzoek tot doorwerken in te dienen, maar heeft dat niet gedaan. Tekortschietende informatievoorziening leidt niet tot vernietiging van het besluit.
Het beroep van appellant dat de regeling onredelijk bezwarend is en dat hij gecompenseerd moet worden, wordt verworpen. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.