ECLI:NL:CRVB:2016:1149
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- K.J. Kraan
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tweede aanstelling naast SBF-verlof voor ambtenaren onder overgangsregeling
Betrokkenen, ambtenaren werkzaam in substantieel bezwarende functies (SBF) bij de Dienst Justitiële Inrichtingen, gingen tussen 2010 en 2011 met SBF-verlof onder een overgangsregeling die hen een uitkering van 80% van hun bezoldiging gaf. De netto financiële gevolgen bleken nadelig door inhoudingen. In 2012 stelde DJI een Circulaire in die een tweede aanstelling naast SBF-verlof mogelijk maakte voor maximaal vier uur per week, maar alleen voor medewerkers die vanaf 2012 met SBF-verlof gingen.
Betrokkenen vroegen om een tweede aanstelling, ook met terugwerkende kracht tot hun SBF-verlofdatum, maar de minister wees deze aanvragen af omdat zij niet onder de Circulaire vielen. De rechtbank oordeelde dat de afwijzing in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en vernietigde de besluiten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de Circulaire een buitenwettelijk begunstigend beleid is dat consistent moet worden toegepast. De minister heeft dit beleid correct toegepast door aanvragen van vóór 2012 ingaand SBF-verlof af te wijzen. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart de beroepen ongegrond. Ook vernietigt de Raad de besluiten van 7 juli 2015 die voortkwamen uit de uitspraak van de rechtbank.
De Raad stelt dat de Circulaire niet op grond van artikel 6a ARAR kan worden vastgesteld en dat de rechtbank ten onrechte het gelijkheidsbeginsel toepaste op het beleid. De Raad benadrukt dat de toetsing beperkt is tot consistentie van het beleid en niet tot de rechtmatigheid van het beleid zelf. De uitspraak heeft geen gevolgen voor de vergoeding van uren die betrokkenen in 2015 op basis van een tweede aanstelling hebben gewerkt.
Uitkomst: De beroepen van betrokkenen worden ongegrond verklaard en de bestreden besluiten vernietigd wegens consistent beleid van de minister.