ECLI:NL:CRVB:2015:1048
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- M.M. van der Kade
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar en herstel besluit Sociale Verzekeringsbank
Appellant werd door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) voor 100% schuldig-nalatig verklaard over het jaar 2005 wegens een openstaande schuld aan inkomstenbelasting en/of premie volksverzekeringen. Appellant maakte bezwaar tegen deze verklaring, stellende dat hij wegens een laag inkomen niet kon betalen en dat de vordering verjaard zou zijn. De Svb verklaarde het bezwaar tegen het besluit van 6 mei 2009 niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en verwierp het bezwaar tegen het besluit van 6 juni 2012.
De rechtbank Amsterdam oordeelde dat het bezwaar tegen het besluit van 6 mei 2009 terecht niet-ontvankelijk was, omdat het besluit aangetekend naar het juiste adres was verzonden en appellant niet aannemelijk had gemaakt het niet te hebben ontvangen. Het beroep tegen het besluit van 6 juni 2012 werd ongegrond verklaard.
In hoger beroep stelde appellant dat hij het besluit van 6 mei 2009 nooit had ontvangen en dat de Svb niet aannemelijk had gemaakt dat het besluit daadwerkelijk was verzonden. De Raad constateerde dat de Svb geen bewijs kon leveren van correcte verzending via aangetekende post en dat de termijn voor bezwaar niet was aangevangen. Hierdoor was het bezwaar tijdig ingediend en ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad vernietigde de niet-ontvankelijkverklaring en droeg de Svb op binnen zes weken het besluit te herstellen en een nieuw onderzoek in te stellen naar de door appellant aangevoerde omstandigheden, waaronder zijn geringe inkomen en verschoonbare nalatigheid. De Raad kon zelf niet in de zaak voorzien en gaf daarmee de Svb de opdracht tot herstel.
Uitkomst: De niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wordt vernietigd en de Svb wordt opgedragen het besluit te herstellen.