ECLI:NL:CRVB:2015:1137
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Appellant ontving sinds april 2011 bijstand als alleenstaande. Naar aanleiding van een melding van de woningbouwvereniging dat er meerdere slaapplekken in zijn woning waren aangetroffen, startte het college een onderzoek. Appellant verscheen niet op oproepen voor een gesprek en verstrekte niet de gevraagde bewijsstukken, waardoor het college de bijstand opschortte en later introk met terugvordering van teveel betaalde bedragen.
Appellant diende later een nieuwe aanvraag in, maar het college weigerde deze omdat appellant onvoldoende duidelijkheid gaf over zijn woon- en leefsituatie. Tijdens een huisbezoek werden meerdere personen aangetroffen die regelmatig verbleven, terwijl appellant verklaarde alleen te wonen. Hij gaf geen melding van deze situatie en ontving kennelijk betaling in natura.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat de termijn voor het reageren op de oproep niet te kort was en dat appellant zijn inlichtingenplicht had geschonden. Ook was het college niet tekortgeschoten in zijn onderzoeksplicht. Appellant slaagde er niet in aan te tonen dat zijn omstandigheden waren gewijzigd zodat hij opnieuw recht op bijstand had.
De Raad bevestigde de intrekking en terugvordering van de bijstand en de afwijzing van de nieuwe aanvraag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstand worden bevestigd en de nieuwe aanvraag afgewezen wegens onvoldoende naleving van de inlichtingenplicht.