ECLI:NL:CRVB:2015:1188
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- C.H. Rombouts
- M. ter Brugge
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onvoldoende bewijs waarde woning in erfenis
Appellant vroeg bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand, waarbij het college de aanvraag afwees vanwege onvoldoende informatie over de waarde van een woning in Turkije waarvan appellant mede-eigenaar is. In bezwaar en hoger beroep betoogde appellant dat zijn aandeel in de woning onder de vermogensgrens viel, onderbouwd met rapporten en documenten uit Turkije.
De rechtbank en de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat de stukken onvoldoende inzicht geven in de waarde van de woning. Essentiële informatie over vergelijkbare woningen, onderhoudstoestand en hypotheeklasten ontbrak. Ook was onduidelijkheid over de omvang en aard van de lening die op de woning rust.
De Raad bevestigde dat de bewijslast voor bijstandbehoevendheid bij appellant ligt en dat hij niet aannemelijk heeft gemaakt dat zijn vermogen onder de grens valt. Hierdoor is geen recht op bijstand aanwezig. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijstandsaanvraag bevestigd.