ECLI:NL:CRVB:2015:1253
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens schending inlichtingenverplichting over verblijfplaats
De zaak betreft een hoger beroep tegen de intrekking van bijstand aan betrokkene, die verklaarde dakloos te zijn en te verblijven op twee locaties in Amsterdam. Appellant, het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, voerde aan dat betrokkene zijn inlichtingenverplichting had geschonden omdat hij niet op de opgegeven locaties werd aangetroffen tijdens een onderzoek.
Betrokkene betwistte de intrekking en stelde dat het onderzoek onzorgvuldig was uitgevoerd en dat de sms-procedure voor daklozen niet was toegepast, terwijl die wel op hem van toepassing zou zijn. De Raad oordeelde dat de onderzoeksgegevens rechtmatig waren verkregen en dat het doel van het onderzoek niet bepalend is voor de bruikbaarheid van de gegevens bij intrekking.
De Raad stelde vast dat betrokkene niet behoorde tot de doelgroep die de sms-procedure vereist, omdat hij zijn verblijfplaatsen tijdig kon opgeven. Het onderzoek toonde aan dat betrokkene niet op de opgegeven locaties verbleef, waardoor hij zijn inlichtingenverplichting schond. De intrekking van de bijstand per 13 november 2013 werd daarom bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.
Tot slot werd appellant veroordeeld in de kosten van betrokkene voor verleende rechtsbijstand en werd een griffierecht opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand per 13 november 2013 wordt bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.