ECLI:NL:CRVB:2015:1293
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens ontbreken objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de behandelend rechter in een hoger beroepsprocedure over een WWB-uitspraak. Het verzoek was gebaseerd op de stelling dat de rechter onpartijdigheid zou missen omdat verzoekers verzoek om toezending van het proces-verbaal was afgewezen en de brief van verzoeker was geretourneerd.
De Raad heeft overwogen dat wraking alleen mogelijk is bij feiten of omstandigheden die wijzen op vooringenomenheid van de rechter. Procedurele beslissingen, zoals het afwijzen van verzoeken om proces-verbaal, kunnen niet zonder meer tot wraking leiden tenzij sprake is van aanwijzingen voor vooringenomenheid.
Uit de stukken blijkt dat de behandelend rechter de brief van verzoeker wel degelijk heeft gelezen, maar dat het belang van verzoeker bij het proces-verbaal niet was aangetoond. Ook het retour zenden van de brief vanwege inhoudelijke opmerkingen na sluiting van het onderzoek vormt geen grond voor wraking.
De Raad concludeert dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid bestaat en wijst het wrakingsverzoek af. Er worden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de behandelend rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.