ECLI:NL:CRVB:2015:1300
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WW-uitkering wegens niet naleven sollicitatieverplichting
Appellant was werkzaam bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en kreeg met ingang van 15 januari 2012 ontslag. Het UWV kende hem een WW-uitkering toe vanaf 16 januari 2012. Na controle stelde het UWV vast dat appellant in de periode van 1 november tot en met 31 december 2012 niet had gesolliciteerd. Daarom verlaagde het UWV zijn uitkering met 25% voor vier maanden. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard door het UWV en de rechtbank.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij onvoldoende was voorgelicht over zijn sollicitatieplicht, geen werkcoach had, geen toegang tot een digitale werkmap en door een burn-out en procedures met zijn ex-werkgever niet kon solliciteren. Ook stelde hij dat het UWV geen controlebevoegdheid had. De Raad oordeelde dat het UWV wel bevoegd is en dat de sollicitatieplicht duidelijk was medegedeeld. Het ontbreken van een werkcoach of digitale werkmap ontslaat appellant niet van zijn verplichting.
De Raad stelde vast dat appellant in de betreffende periode geen sollicitatieactiviteiten heeft verricht en dat geen sprake was van verminderde verwijtbaarheid. De stelling dat appellant niet kon solliciteren wegens persoonlijke omstandigheden werd niet gevolgd. Ook het verstrekken van gegevens door het UWV aan de ex-werkgever was niet relevant voor de oplegging van de maatregel. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de verlaging van de uitkering bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de WW-uitkering met 25% wegens niet voldoen aan de sollicitatieverplichting wordt bevestigd.