Uitspraak
CIZ
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam over de indicatie voor Persoonlijke Verzorging op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) voor de periode van 7 december 2011 tot en met 3 november 2013.
De Centrale Raad van Beroep beoordeelt uitsluitend de omvang van de indicatie die het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) heeft vastgesteld. Het CIZ had klasse 6 geïndiceerd, gebaseerd op de noodzaak om de blaas twee keer per dag te spoelen. Appellante stelde dat drie keer per dag spoelen noodzakelijk was, wat zou leiden tot een indicatie klasse 8.
De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank en concludeert dat er geen aanleiding is om aan te nemen dat de blaas vaker dan twee keer per dag gespoeld moest worden gedurende de periode in geding. Hoewel later een medische verklaring van een uroloog is overgelegd die drie keer spoelen adviseert voor een latere periode, leidt dit niet tot het oordeel dat het CIZ de medische informatie over de periode in geding heeft miskend.
Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen en worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De indicatie Persoonlijke Verzorging klasse 6 wordt bevestigd en het hoger beroep en verzoek om schadevergoeding worden afgewezen.