ECLI:NL:CRVB:2015:176
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bijstand wegens schending medewerkingsplicht door dakloze
Appellant heeft op 3 januari 2013 bijstand aangevraagd en verklaard dakloos te zijn, waarbij hij meerdere verblijfadressen heeft opgegeven. De gemeente heeft een onderzoek ingesteld waarbij twee van de opgegeven adressen zijn bezocht en appellant telefonisch is benaderd. Tijdens deze bezoeken werd appellant niet aangetroffen en bleek het internetcafé op het eerste adres niet zoals opgegeven geopend te zijn.
Het college heeft de aanvraag afgewezen omdat appellant onjuiste informatie heeft verstrekt en niet bereikbaar was bij telefonische contacten, waardoor hij zijn wettelijke inlichtingen- en medewerkingsplicht heeft geschonden. De rechtbank heeft deze afwijzing bevestigd.
In hoger beroep betoogde appellant dat het onderzoek onzorgvuldig was en dat hij wel medewerking had verleend. De Raad oordeelde dat het college voldoende maatwerk had geleverd door de adressen in de woonplaats te bezoeken en telefonisch contact te zoeken over de overige adressen. De onjuiste informatie en het niet aantreffen van appellant bij de bezoeken rechtvaardigen de conclusie dat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijstand wegens schending van de medewerkingsplicht door appellant.