Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de voorzieningenrechter van 20 juli 2018 in de zaak tussen
[de persoon] , te Amsterdam, verzoekster
Procesverloop
Overwegingen
9 februari 2018 heeft verzoekster per e-mail aan haar klantmanager laten weten dat zij nog steeds op dezelfde adressen verblijft. Verzoekster erkent dat zij wijzigingen in haar verblijflocaties niet altijd aan verweerder heeft doorgegeven. Zo noemt verzoekster in haar aanvullende bezwaargronden drie adressen waar zij in de te beoordelen periode heeft verbleven, die zij aanvankelijk niet heeft opgegeven.
De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.002,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 501,- en een wegingsfactor 1).
Beslissing
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 46,- aan verzoekster te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 1.002,-.