ECLI:NL:CRVB:2015:177
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ingangsdatum bijstand op grond van bijzondere omstandigheden
Appellante diende op 26 oktober 2011 een aanvraag in voor bijstand op grond van de WWB. Door onduidelijke communicatie en fouten van het college was appellante in de veronderstelling dat nog geen beslissing was genomen, terwijl het college de aanvraag op 22 december 2011 had afgewezen. Appellante vroeg vervolgens op 23 februari 2012 opnieuw bijstand aan.
Het college kende bijstand toe met ingang van 23 februari 2012 en wees terugwerkende bijstand af omdat het eerdere besluit onherroepelijk was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar hield geen rekening met de bijzondere omstandigheden rondom de communicatie en kennisname van het besluit.
De Raad oordeelt dat appellante niet verweten kan worden dat zij niet eerder een nieuwe aanvraag indiende, omdat het college zelf onduidelijkheid heeft gecreëerd. Daarom is er sprake van bijzondere omstandigheden die rechtvaardigen dat bijstand wordt toegekend met ingang van 23 december 2011. De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, wijzigt de ingangsdatum van de bijstand en veroordeelt het college in de proceskosten.
Uitkomst: De ingangsdatum van de bijstand wordt vastgesteld op 23 december 2011 en het beroep wordt gegrond verklaard.