ECLI:NL:CRVB:2015:2254
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit korpschef over functieonderhoud politie en afwijzing beroep nadere besluit
Appellant, werkzaam als Generalist bij de politie, had tijdelijk werkzaamheden als tactisch rechercheur verricht en verzocht om functieonderhoud op grond van de Tijdelijke regeling functieonderhoud politie. De korpschef wees dit verzoek af met het argument dat functieonderhoud niet kan worden gevraagd voor tijdelijke werkzaamheden en alleen geldt voor de organieke functie.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde in een tussenuitspraak dat de korpschef onterecht alleen organieke functies als uitgangspunt nam en dat tijdelijke werkzaamheden niet als bezwaar konden worden gebruikt. De Raad gaf opdracht het besluit te herstellen door de feitelijk opgedragen werkzaamheden in kaart te brengen.
De korpschef stelde een taakinventarisatie op en maakte een persoonsgebonden functietypering. Appellant voerde aan dat zijn werkzaamheden complexer waren en dat de organieke functie 'Senior thematische recherche' op hem van toepassing moest zijn. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zijn werkzaamheden complex waren of dat hij zaakscoördinatie verrichtte zoals bedoeld.
De Raad concludeerde dat de korpschef het nadere besluit juist had genomen en dat de gebreken in het bestreden besluit waren hersteld. De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten, verklaarde het beroep tegen het bestreden besluit gegrond en het beroep tegen het nadere besluit ongegrond. De korpschef werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestreden besluit wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; het beroep tegen het nadere besluit wordt ongegrond verklaard.