ECLI:NL:CRVB:2015:2305
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-verzekering AOW tijdens detachering bij Europol
Appellante, geboren in 1951, was van 2002 tot 2013 gedetacheerd bij Europol en kreeg bijzonder verlof zonder bezoldiging van het KLPD. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde dat zij in deze periode niet verzekerd was voor de AOW, wat door de rechtbank werd bevestigd. Appellante voerde aan dat zij nog steeds in dienst was bij het KLPD en recht had op pensioenopbouw.
De Raad overwoog dat pensioenoverzichten slechts tussentijdse opgaven zijn en geen definitieve vaststelling van verzekeringsjaren. Het eigen sociale verzekeringsstelsel van Europol, dat vergelijkbaar is met het Nederlandse, sluit verplichte verzekering in Nederland uit volgens de Zetelovereenkomst en jurisprudentie van de Hoge Raad. Appellante verrichtte geen gainful activity in Nederland, ondanks enkele betalingen van het KLPD die verband hielden met secundaire arbeidsvoorwaarden.
Het incidenteel hoger beroep van de Svb over de formele rechtskracht van pensioenoverzichten werd verworpen. De Raad veroordeelde de Svb in de proceskosten van appellante voor het incidenteel hoger beroep. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep en het incidenteel hoger beroep worden afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.