Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;
- veroordeelt appellante in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 974,-;
- bepaalt dat van appellante een griffierecht van € 478,- wordt geheven.
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een geschil over de indicatie van Begeleiding Groep (BG) onder de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) voor betrokkene, geboren in 1999. Stichting Bureau Jeugdzorg had een indicatie afgegeven met de voorwaarde dat betrokkene was uitgeschreven van school, hetgeen door de rechtbank werd vernietigd omdat dit niet wettelijk was vereist. Betrokkene volgde inmiddels weer onderwijs gecombineerd met opvang op een zorgboerderij.
Stichting Bureau Jeugdzorg stelde hoger beroep in om duidelijkheid te verkrijgen over de juiste uitleg van de indicatievoorwaarden, met name de uitschrijving van school. De Centrale Raad overwoog echter dat sinds 1 januari 2015 de Jeugdwet van kracht is, waarbij de uitvoering van jeugdhulp bij de colleges van burgemeester en wethouders ligt, waardoor Stichting Bureau Jeugdzorg geen belang meer heeft bij de uitspraak.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk is. Tevens werd Stichting Bureau Jeugdzorg veroordeeld in de proceskosten van betrokkene en werd griffierecht geheven. De uitspraak bevestigt dat de overgang naar de Jeugdwet gevolgen heeft voor de positie van partijen in lopende procedures.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang; Stichting Bureau Jeugdzorg wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.